Soms raak je de weg even kwijt in de wirwar van alle legeronderdelen die genoemd worden. Hier een kort overzicht van hoe het Amerikaanse leger in elkaar zat.
| Legeronderdeel | Bestaat uit | Bevelvoerder | Manschappen* |
|---|---|---|---|
| Legergroep (Army group) |
Verschillende legers | Veldmaarschalk (generaal *****) | Varieert |
| Leger (Army) |
3 korpsen & HQ | Generaal **** | > 80.000 (maar varieerde) |
| Korps (Corps) |
3 divisies & HQ | Luitenant-generaal *** | 40.000 – 80.000 (maar varieerde) |
| Divisie (Division) |
3 brigades, verschillende genie- en artillerie-eenheden & HQ |
Generaal-majoor ** | 12.000 – 25.000 |
| Brigade / Regiment | 3 bataljons & HQ | Brigadegeneraal * | 3.000 – 4.000 |
| Bataljon (Batallion) |
3 compagnieën & HQ | Majoor of luitenant-kolonel | 800 |
| Compagnie (Company) |
3 pelotons & HQ | Kapitein / majoor | 150 |
| Peloton (Platoon) |
3 secties & HQ | Luitenant | 30 tot 40 |
| Sectie (Section/squad) |
Sergeant |
Zoals uit het overzicht blijkt, bestond elk legeronderdeel (idealiter) uit 3 vechtende eenheden en een hoofdkwartiersectie (HQ = Headquarters). Het hoofdkwartier stond in contact met de bevelhebbers hogerop en stuurde het betreffende legeronderdeel aan.
* het ‘aantal manschappen’ (in de rechterkolom) is slechts een inschatting.